Frisse neus

Dat elk land anders met de coronacrisis omgaat, wordt steeds duidelijker. Niet alleen zijn er veel verschillende maatregelen, ook zie ik grote verschillen in mentaliteit. Meteen even een disclaimer hier: ik kan ruim tweehonderd miljoen mensen natuurlijk niet op één hoop gooien. Maar in Brazilië, waar ik woon, vallen een aantal dingen me al langer op.

Om te beginnen is het onaantastbare gevoel dat Nederlanders nog wel eens willen hebben, hier een stuk zeldzamer als je het mij vraagt. Brazilianen zijn vaak hypochonder en hollen bij een halve graad koorts normaal gesproken al naar de eerste hulp. Dat ze dat niet meer mogen doen, is dus even wennen. Maar terwijl het in Nederland even duurde voordat de ernst van de situatie bij mensen doordrong, gebeurde dat in mijn woonplaats São Paulo daardoor best snel.

Zo snel, dat mensen van de ene op de andere dag binnen bleven. Nog voordat de scholen hier officieel dichtgingen, hielden veel ouders hun kroost al thuis. De gemiddelde Braziliaan denkt namelijk niet ‘dat overkomt mij toch niet’. Integendeel, veel Brazilianen denken juist wel dat ze door het virus heel ziek zullen worden. Behalve president Bolsonaro natuurlijk, die het coronavirus lange tijd een griepje bleef noemen. Maar dat leverde hem ook vanuit zijn eigen regering kritiek op. En veel van zijn aanhangers blijven gewoon keurig thuis.

Wat voor Brazilianen trouwens niet zo nieuw is, is al dat schoonmaken. Veel mensen hier zijn uit zichzelf een stuk schoner dan de gemiddelde Nederlander. Flesjes handgel kon je in veel winkels en restaurants altijd al vinden. En tafels werden door driftige obers sowieso al afgenomen met schoonmaakalcohol zodra de klanten vertrokken waren. Douchen met veel zeep deden de Brazilianen ook altijd al een paar keer per dag. En ik begrijp dat veel mensen hier nu na een bezoekje buiten de deur meteen al hun kleren uittrekken en in de was gooien.

Maar het probleempunt is ook vrij duidelijk. Afstand houden is voor veel Brazilianen lastig. Voor de Nederlanders ook, als ik alle berichten zie. Maar het probleem is dat de ‘persoonlijke ruimte’ van een Braziliaan sowieso al veel kleiner is. Waar mensen in Nederland vaak letterlijk en figuurlijk meer afstand tot elkaar houden, ook in het pre-coronatijdperk, is knuffelen hier juist de standaard. En als ik in een rij stond te wachten, deed ik wel vaker een stapje opzij, omdat mensen soms wel heel erg in mijn nek stonden te hijgen.

Al met al hoop ik natuurlijk dat de maatregelen hier effect zullen hebben. Maar in de tussentijd zie ik langzaam een tweedeling ontstaan in de maatschappij. Tussen de mensen die vooral bang zijn voor het virus en de mensen die nog banger zijn om hun baan kwijt te raken. De directrice van de school van mijn dochter zegt dat de meerderheid van de ouders er nu juist op aandringt de school zo snel mogelijk weer te openen. Er moet gewerkt worden en dat is natuurlijk ingewikkeld met kinderen thuis. Maar ik hoop eerlijk gezegd dat het decreet dat dinsdag afloopt, verlengd zal worden. Van een daling van het aantal besmettingen is namelijk absoluut nog geen sprake. Ik denk ook niet dat ik mijn dochter alweer terug zou sturen naar school.

Maar tegelijkertijd horen wij in onze wijk dan juist wel weer bij de zeldzame ouders die hun kind elke dag even naar buiten laten gaan. Waarbij we meters afstand houden van iedereen. En samen spelen met andere kinderen mag mijn dochter van vier op dit moment niet. Maar met mijn gedachte dat even een frisse neus halen je uiteindelijk ook gezond houdt, blijk ik opeens heel erg Nederlands.

Deze column verscheen op 2 april 2020 op de website van RTL Nieuws


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s